vrijdag 4 november 2022

dinsdag 1 november 2022

Ben beet bedreiger


 Wandelend op een onverhard voetpad zag ik een mountainbiker naderen.  Omdat het paadje zo smal was dat ik Ben niet naast me kon houden, besloot ik een paar meter ervan af te gaan op de enige plek waar dat mogelijk was. In het voorbijgaan riep ik de vent toe dat hij daar helemaal niet mocht fietsen, laat staan mountainbiken. Waarop hij afstapte en al scheldend op me afkwam. Ik waarschuwde hem nog dat hij niet te dichtbij moest komen omdat hij anders gebeten zou worden maar dat maakte geen indruk omdat Ben volkomen rustig naast me stond terwijl wij aan het ruziën waren. 

Als hij mensen in de verte ziet naderen, vliegt hij er direct luid blaffend op af, maar iemand die ineens vlakbij opduikt, negeert hij vreemd genoeg.  Aangelijnd reageert hij ook nooit op mensen waarmee ik sta te praten, zelfs niet als dat een heftige ruzie wordt. Ik was er daarom zelf ook niet gerust op dat Ben iets zou doen. Zodra de man zijn hand naar me uitstak, hapte Ben er echter in en bleef vervolgens weer rustig naast me staan. De vorige malen dat hij in een hand beet, werd die naar hem uitgestoken en was er nauwelijks zichtbare schade maar deze keer zag ik duidelijk twee bloedende gaten verschijnen in de handrug en was de mans vechtlust volkomen verdwenen. 

Ben gebruikte wederom dus slechts proportioneel geweld.


maandag 26 september 2022

Ben blijft erin


 Telkens als ik een filmpje start in de verwachting dat hij eruit komt, blijft hij toch weer plakken.





zondag 25 september 2022

Ben al 15 maanden bijtvrij

 

Dat viel me op doordat ik een brief kreeg van de gemeente dat de zaak betreffende het bijtincident waarbij Prins Bernard op 1 juli 2021 een vrouw in de bil gebeten had, vanwege langdurige ziekte van de behandelend ambtenaar stil is komen te liggen.

Ben blijft trouwens wel naderende mensen aanvallen dus het blijft opletten. Op de video zag hij heel in de verte mensen aanvallen maar omdat ik weet dat hij na een meter of twintig even stopt, kon ik hem rustig laten lopen.

zondag 18 september 2022

Ben in de poel

In totaal bleef hij hier een half uur lang poedelen.

 



zaterdag 17 september 2022

Siephonden


SIEPHONDEN

In de Nederlandse vertaling van Hartmut Mohrs boek staat op blz. 15: “en tenslotte de Nederlandse Siep en de Schapendoes”, een zinsnede die me direct tegen de borst stuitte want Siep is geen Nederlands[i] maar een Drents woord[ii]. Het betekent minderwaardige hond, straathond, kruising en schepershond, maar ook mietje, zeurkous (bron: Kocks, G.H., Woordenboek Drentse Dialecten). Dat Hartmut Siep als Nederlands betitelde, was tevens nieuw voor me, want Toepoel noemt alleen de Schapendoes Nederlands, en herdersdoes en schapenhond als andere namen ervoor. De Zeeuw Peter Noordermeer noemt Siephond in 1982[iii] wel, maar als Drentse naam voor Schapendoes, naast Olde Grise, de naam die Jan van den Berg (van de kennel ’t Ruinerveld) waarmerkte als authentiek Drents met een anekdote over een 83jarige Grollooënaar die het in 1965 over een echte Olde Grise had.

 Naspeuring leverde echter op dat ook Ria Hörter in haar brochure “Nederlandse Schapendoes” uit 2011 de Siephond over heel Nederland verspreid noemt. Ze beschrijft het als ”een klein, langharig en beweeglijk herdershondje”. Bronnen geeft ze niet maar het moeten andere zijn dan die van Hartmut want hij maakt er een soort Hollandse Herder van. De hond op bijgaande foto is dat inderdaad maar of hij bij de tekst eronder hoort, is twijfelachtig want die luidt: “met zijn trouwe, grijze makker, met zijn Siephond”.Beiden noemen ook Olde Grise en herdersdoes weer als namen voor ons soort hondje. Woorden die in Schapendoeskringen dus al decennialang beschouwd worden als in gebruik geweest zijnde namen voor schepershonden. Toch valt daar in geschreven bronnen vooralsnog geen enkel bewijs voor te vinden. Het WNT kent het woord herdersdoes niet en zet grise weg als Vlaams voor grijs. Het noemt wel andere namen voor de Schapendoes: Does, Doeshond, Kardoes, Krulhaar, Krulhond, Krulkardoes, Poedel, Poedelhond, Poesbaart Schaapspoedel, Waterhond en Wolpoedel.

 Over Siephonden vond ik op Delpher.nl 415 artikelen[iv] uit dagbladen, tijdschriften en boeken, van 1862[v] tot 1987. De oudste vermeldingen staan in de Provinciale Verslagen van 1862 en het Statistisch Jaarboek van het Koninkrijk van 1865, waarin ze een soort kleine windhonden genoemd worden. Verder gaat het vaak om kruisingen van jachthonden met (Friese?) hazenwindhonden, gebruikt voor de jacht op hazen etc. en zelfs voor windhondenrennen: 19-9-1931: eerste klas Siephond, zeer snelle looper wegens beëindigen windhondenrennen.

 In die berichten vond ik informatie over:

Grootte5x klein, 2x 60, 62, 63, 2x 65, 67, 72, 73 en 75 cm.

Oren: 2x staande oren.

Het gebruik9x jacht, 35x vanger van wild, 22x hazenvanger, 13x goed bij ´t geweer, 13x fietshond, 10x apporteert, 3x schepershond, 5x windhond, 69x snellooper.

De vachtwit, vuilgrijs, grijsgesteept, grijsgeel, zwart getijgerd, tijgerkleurig, donker,gestroomd, donkergeel, strookleurig, haaskleurig, blauwbont, bont, donkerbruin, roodbruin, bruinbont, gestrengd, stekelharig, kortharig, langharig, ruigharig,gladharig, gladharig met witte borst en pluimstaart, ruwharig met behaarde bek en baard, allemaal 1x vermeld; 32x zwart, 2x zwartbont, 3x zwart met witte poten en voorborst, 3x geel, 6x snoekkleurig, 3x blauw, 4x bruin.

Ouders: vader hazewind, moeder legerhond (?), vader Duitse Herder, moeder windhond, half windhond, half setter, vader windhond, moeder setter.

Straathond: 18 aangelopen en 5 weggelopen honden.

In meerderheid staat er echter uitsluitend: Siephond. Of het uiterlijk er niet toe deed, iedereen wist hoe ze eruitzagen, zaken als staande oren en klein of groot alleen vermeld werden omdat het afwijkingen waren van wat normaal was of dat men uit geldgebrek zo weinig mogelijk letters gebruikte, is onduidelijk. De vele afkortingen in de advertenties duiden m.i. op het laatste.

 Siephonden werden wel als schepershond gebruikt, maar schepershond betekent slechts hond van de scheper en niet hoedende hond, wat er op blz. 22 van gemaakt wordt. Schepers gebruikten hun honden om te stropen en niet voor het hoeden want dat konden ze alleen wel af. Bovendien leverde stropen vaak veel meer op dan scheperen. In de advertentiecollectie zijn dezelfde bewijzen daarvan te vinden als in de justitiële bronnen en de uitspraken van de schepers zelf. Zoals:

 De Provinciale Drentsche en Asser Courant d.d. 11-2-1908: Rolde, 8 Februari. Onze schaapherder T. B. had heden 't geluk met zijn kleinen schepershond een mooien rekelvos te vangen in 't veld ten zuidoosten van Rolde.

 De Nederlandse Jager d.d. 8-6-1912: Ook met andere honden kan men zoo den das vangen en vroeger gebeurde dit meer dan thans, door de schaapherders, die op deze wijze een buitenkansje behaalden. De sterke schepershond toch wist niet alleen dassen, maar meermalen ook vossen en wolven te vangen. De herders aten wel het vleesch van den das, doch velen verachten het, omdat dit dier dikwijls een kwalijk riekend vocht afgeeft, hetwelk uit een klierzak aan den staart afgescheiden wordt. Het dassenvel is evenwel in trek en wordt, omdat het waterdicht is, gaarne gebruikt als buitenbekleeding voor koffers. Het haar van den das heeft men gaarne voor penseelen en verfkwasten en het vet wordt veel gebruikt voor het bereiden van zalf.

 Verder in krantenadvertenties:

11-10-1916: een Siephond die best een haas kan vangen

12-4-1919: mijn snelloopende Siephond vangt elke haas

24-10-1923: snel loopende Siephond, laat geen haas loopen

4-2-1924: een snelloopende Siephond, reu, 1,5 jaar, loopt en vangt iedere opgaande haas

29-3-1930: prima Siephond, beste hazenvanger

3-12-1930: mijn prima Siephond kan tegen een haas beloopen

20-6-1931: eerste klas Siephond, reu, pakt iedere opvliegende haas

5-10-1932: Siephond, 5 maanden oud van puike ouder, vangt beslist iedere opgaande haas

17-11-1932: 1 Siephond, beste hazenvanger

23-2-1938: Siephond, vangt elke opgaande haas, tevens zeer waaksch, 2 jaar

23-9-1949:   Siephond, fel op haas

 Op bldz. 17 staat een vertaald citaat van R. Löns waarin hij o.m. opmerkt “Als de Schäfpudel niet zo ongelooflijk slim en veelzijdig inzetbaar zou zijn, zou zijn lot waarschijnlijk ook bezegelt zijn”. Wat Siephonden betreft was juist het omgekeerde het geval. Waren ze uitsluitend door schepers gefokt, zouden ze allang zijn uitgestorven maar juist doordat ze o.a. geliefde ren- en stropershonden waren, had het verdwijnen van schepers geen effect op hun voortbestaan. Het verbod op de jacht met lange honden in 1923 uiteraard ook niet aangezien stropen op zich al verboden was. De mensen die zich ermee verveelden kregen na de oorlog echter andere hobby’s of moesten zich behelpen met FCI-erkende rashonden en dat bezegelde hun lot uiteindelijk definitief.



[i] Het staat derhalve niet in het WNT, dat alle Nederlandse woorden tussen 1500 en 1976 bevat en verklaart.

[ii] Al is het ook een Friese voornaam met de betekenis: zege, overwinning.

[iii] In: De Nederlandse Schapendoes, uitgegeven door de VNS.

[iv] Scheperdoes noch Olde Grise komen erin voor!

[v] Het bevat berichten vanaf 1618 maar vóór 1874 noemde men honden blijkbaar gewoon zonder meer honden. Het oudste artikel over honden is van 27-7-1624 en betreft de jood Manasses, die, tot neus bij de benen tussen 2 honden gehangen, zich na enkele uren gehangen en gebeten te zijn, wou bekeren tot de Universele Kerk. Daarnaast bevat het 1.070.818 artikelen over hond, vanaf 17-10-1626, doordat hond ook een achternaam is, een oude landmaat (1 Hond is gelijk aan 16 Morgen) en vaak deel uitmaakt van namen van schepen, herbergen, theatergezelschappen. e.d.